Hoe gaat de fiscus om met uw investering
Heeft u geld uitgeleend via crowdfunding aan een ondernemer in ruil voor rendement?
Er is nog veel onduidelijkheid over het fenomeen crowdfunding en hoe de belastingdienst daarmee omgaat. Onderstaande informatie hebben wij door fiscalisten laten controleren. Heeft u specifieke inhoudelijke vragen? Dan adviseren wij u contact op te nemen met de Belastingdienst en/of uw belastingadviseur.
Bent u particulier? In vrijwel alle gevallen valt de waarde van de lening - het saldo - in "box 3” voor de inkomstenbelasting. Dat betekent dat u het saldo moet opgeven bij uw aangifte inkomstenbelasting (verstrekte leningen). Net zoals u dit doet met het saldo van uw bankrekening (saldo = waarde per 1 januari van het jaar waarover de belastingopgave wordt gedaan). De rente hoeft niet te worden opgegeven, tenzij deze wordt bijgeschreven bij het banksaldo. De kosten (adminstratiefee) zijn niet aftrekbaar.
Er kan een uitzondering worden gemaakt op bovenstaande als u als particulier (volgens de fiscus) aan meer dan normaal vermogensbeheer doet. Raadpleeg bij vragen hierover uw belastingadviseur.
Bent u ondernemer en handelt u vanuit een zakelijk account? Voor ondernemers/bedrijven die in het kader van hun onderneming handelen, vormt het uitgeleende bedrag een (vreemd vermogen) vordering die op de balans gezet moet worden. Ontvangen rente behoort tot het resultaat (de winst). Kosten (administratiefee) zijn aftrekbaar. Voor IB ondernemers wordt de winst belast in box 1, voor BV’s valt e.e.a. onder de vennootschapsbelasting. Indien de lening onverhoopt niet kan worden afgelost, kan afgewaardeerd worden ten laste van de winst.
Waar vind ik een jaaroverzicht voor de belastingdienst?
Dit overzicht kunt u zelf downloaden vanuit uw account. Ga naar 'mijn dashbord'. Klik vervolgens op het betreffende jaartal en vervolgens downloaden als PDF'.
De belastingheffing in box 3, de vermogensrendementsheffing, wordt per 1 januari 2017 ingrijpend aangepast.
Dit was reeds aangekondigd in het Belastingplan 2016. Het heffingsvrije vermogen gaat omhoog naar € 25.000 per persoon. Dit geldt voor binnenlandse én buitenlandse belastingplichtigen met een box 3-inkomen in Nederland.
Het forfaitaire rendement wordt vanaf 1 januari 2017 gebaseerd op de landelijk gemiddelde verdeling van het box 3-vermogen over spaargeld én beleggingen. Deze vermogensmix wordt afgeleid uit de belastingaangiften voor box 3 over 2012. De mix zal periodiek worden geëvalueerd om na te gaan of die nog voldoende aansluit bij de realiteit. Over beide vermogenscomponenten – het spaardeel én het beleggingsdeel – wordt een forfaitair rendement gerekend, dat afgeleid wordt uit de in het verleden daadwerkelijk behaalde rendementen.
Het rendement op het spaardeel wordt afgeleid uit de gemiddelde rentevergoeding over de voorgaande vijf jaar. Voor 2017 zal dat naar verwachting uitkomen op 1,63%. Het rendement op het beleggingsdeel is het meetkundig gemiddelde over een periode van 15 jaar; voor 2017 is dat berekend op 5,5%. Het box 3-vermogen wordt verdeeld over drie schijven, met een gemiddelde vermogensmix per schijf. Dat leidt tot een oplopend forfaitair rendement, waardoor bij een vermogen boven de € 100.000 de belastingdruk hoger uitkomt dan thans het geval is. De box 3-heffing in 2017 wordt zo voor veel belastingplichtigen duurder. © Bron: MKB Fiscaal Advies B.V.